Meer dwang bij weigering uitvoering omgangsregeling?

Er komt meer aandacht voor de voortgaande strijd tussen ex partners en het leed wat daarmee wordt berokkend! De omgangsregeling onder de loep!

De Tweede kamer neemt motie van Kamerleden Van Nispen (SP), Koopmans (VVD) en Bergkamp (D66) aan te onderzoeken hoe ouders , die de omgang van hun kind met de andere ouder/ ex-partner belemmeren, gedwongen kunnen worden mee te werken aan de bezoekregeling.

Contact met beide ouders is meestal in het belang van de ontwikkeling van het kind.Vaak staat een ouder machteloos wanneer de expartner ( de andere ouder)  het contact met de kinderen frustreert. Voorbij wordt gegaan aan dat gezag betekent: het goede te doen voor het kind.  In  tegendeel, men meent  juist te handelen in het belang van het kind door het contact met de expartner/ouder te belemmeren . Er moet altijd gekeken worden of er geen sprake is van huiselijk geweld of blootstelling hieraan. Het komt ook vaak voor dat een ouder terecht, uit reële angst voor huiselijk geweld, niet meewerkt aan een omgangsregeling

In deze blog als een soort stand van zaken : de motie van Van Nispen c.s. en columns die recent verschenen in Trouw (Ger de Groot) en in de Volkskrant (Steven Pont).

 

Nr. 27MOTIE VAN HET LID VAN NISPEN C.S.

Voorgesteld 5 juli 2018

De Kamer,

gehoord de beraadslaging,

overwegende dat het frustreren van een omgangsregeling een ernstige aangelegenheid is met grote gevolgen voor het welzijn van het kind en de andere ouder;

constaterende dat het belang van het kind ook een door de samenleving te beschermen belang is dat adequate bescherming behoeft die onder de huidige civiele procedures niet voldoende wordt gewaarborgd;

overwegende dat het Platform Scheiden zonder Schade stelt dat het van belang is dat er meer erkenning en herkenning van ouderverstoting komt en in overweging geeft het voortdurend frustreren van omgangsregelingen strafbaar te stellen;

constaterende dat het WODC op dit moment onderzoek uitvoert naar het niet nakomen van omgangsregelingen;

verzoekt de regering, onmiddellijk na ommekomst van het WODC-onderzoek met voorstellen te komen hoe ouders, beter dan nu, gedwongen kunnen worden zich aan omgangsregelingen te houden, waaronder voor zover nodig en mogelijk aanscherping van het huidige strafrecht en/of actiever gebruik daarvan, waarbij het belang van het kind centraal staat,

en gaat over tot de orde van de dag.

Van Nispen

Koopmans

Bergkamp

 

 Het is vrijwel altijd de vader die het onderspit delft

 

Column in Trouw van Ger Groot16 juli 2018

 

/var/folders/7r/_xj9gzg51jjcz07y6cfplnzc0000gn/T/com.microsoft.Word/WebArchiveCopyPasteTempFiles/763?appId=e9b4e2a1869038ffcaf318a6d1463b0b&quality=0.8

Het was een snikhete zondag, zo één waarop de mussen dood van het dak vallen. De straat waarin ik woonde zinderde geluidloos van de hitte – totdat aanzwellend geschreeuw opklonk. Een burenruzie, zo te horen voor de deur van het gezin dat naast ons woont. Of woonde – want de buurman had ergens anders onderdak gezocht en een scheiding was in volle gang.

Toen geen van beide exen de noodlottigheid nog leek te kunnen keren, zat er niets anders op dan sussend in te grijpen in wat eigenlijk helemaal mijn zaak niet was: ruzie over de kinderen die de buurman, vóór de deur, was komen afhalen voor een fietstochtje, een hamburger bij McDonalds of God weet wat. En waar de buurvrouw, áchter de deur, kennelijk helemaal niets voor voelde. De kinderen stonden, krijsend van ontzetting, tussen hen in.

Ik weet niet wie van de twee gelijk had. Maar wel dat ik begon in te praten op de vader, met wie ik tegelijk diep medelijden had. Wát ook gerechtigheid was, dit moest stoppen en wel nu. Redenerend als Brugman troonde ik hem mijn eigen woning binnen.

Bindende afspraken

Zo gaat het maar al te vaak. Afspraken, rechten en zelfs juridische omgangsregelingen mogen zeggen wat ze willen, op het uur van de waarheid is het vrijwel altijd de vader die het onderspit delft. Zo kan dat niet langer, hebben een paar Kamerleden terecht bedacht. De motie die scheidende ouders eventueel met strafmaatregelen aan hun afspraken moet binden werd door de kamer unaniem aangenomen.

Hoe broodnodig dat is, bleek toen kort daarop in het middagprogramma van Radio-1 een paar deskundigen hun licht over de kwestie lieten schijnen. De één zette liever zijn kaarten op een ‘voortraject’ waarin dit soort conflicten worden voorkomen – alsof er niet zoiets bestaat als kwade wil. De ander vroeg zich af of dat allemaal wel goed was voor de kinderen. En hoe traumatisch het wel niet kon uitwerken wanneer de sterke arm eraan te pas moest komen. Zelfs iemand die als ‘scheidingsbemiddelaar’ werd gepresenteerd leek er zich geen moment om te bekommeren hoe het eigenlijk zat met de rechten van de vader.

In een scherpzinnige Volkskrant-column beschreef de psycholoog en therapeut Steven Pont dit weekend hoe traumatisch een dergelijke situatie voor kinderen inderdaad kan zijn. Niet omdat de onwelwillende moeder met financiële maatregelen of zelfs met politiedwang wordt bedreigd. Maar, aldus Pont, ‘het leed dat vaders wordt aangedaan, blijft niet tot de vaders beperkt. Ze raken ook het kind. Vaders hebben een aparte, positieve invloed op het leven van hun zoon of dochter. Ze zorgen bijvoorbeeld voor een stabielere seksuele ontwikkeling, een gezondere levensstijl, een beter ontwikkelde veerkracht en zelfs een hoger IQ. Een moeder die een vader buitensluit en niet tot samenwerking bereid is, schaadt dus niet alleen de vader maar ook haar eigen kind.’

Helaas, een moederhart is niet altijd een gouden hart. Dat de Tweede Kamer zich dat inmiddels realiseert is alleen maar winst – in de eerste plaats voor kinderen èn hun vaders. Resteren de scheidingsdeskundigen en ‘mediators’, bij wie smartlappen-wijsheid soms kennelijk nog altijd hoogtij viert. En het opportunisme waarvoor bij een scheiding alle gelijkheid van rechten en plichten verdwijnt als sneeuw voor de zon. Alsof er intussen onder boekenlezers en literaten géén gedoe was ontstaan over de automatische gelijkstelling tussen ‘de moeder’ en ‘de vrouw’.

Ger Groot doceerde filosofie aan de universiteiten van Rotterdam en Nijmegen. Voor Trouw bekijkt hij de actualiteit door een filosofische bril.

 

Vaders vaak stiefmoederlijk behandeld bij een scheiding, kind krijgt de rekening.

Bij een scheiding wordt vaak uit wraakzucht om de loyaliteit van het kind gestreden. En daar zijn vooral vaders slachtoffer van, schrijft psycholoog en gastcolumnist van de Volkskrant Steven Pont.

Steven Pont 15 juli 2018

 https://images0.persgroep.net/rcs/EAn7aQRBKAfp0gBUgCpNcVHsTHg/diocontent/112816276/_fitwidth/763?appId=93a17a8fd81db0de025c8abd1cca1279&quality=0.8

De kalender van een kind met gescheiden ouders, met de dagen waarop hij bij de vader of moeder is.

 

Kamerleden Van Nispen (SP), Koopmans (VVD) en Bergkamp (D66) dienden deze maand een motie in hoe scheidende ouders gedwongen kunnen worden zich aan hun omgangsregeling te houden. Een motie die door alle 150 volksvertegenwoordigers werd aangenomen. Dat is terecht, maar ook pijnlijk.

Jaarlijks horen 70 duizend kinderen in Nederland dat hun ouders gaan scheiden. Dat zijn er per dag zo’n tweehonderd, elke dag een basisschool vol. En het is inderdaad van groot belang dat er goede afspraken worden gemaakt tussen de ouders. Uit jarenlang onderzoek van met name de Britse psycholoog Bowlby (een soort Freud van de hechtingstheorie) is namelijk vast komen te staan dat kinderen in ingewikkelde tijden zoals bij een scheiding, behoefte hebben aan betrouwbare hechtingsfiguren. Dat is nodig voor hun gezonde emotionele en sociale ontwikkeling.

Maar bij scheidingen schort het voor kinderen nogal eens aan de betrouwbaarheid van hun hechtingsfiguren en dat leidt dan ook tot schrikbarende feiten. Kinderen van gescheiden ouders hebben vaker drank-, drugs-, en psychische problemen dan kinderen van wie de ouders nog samen zijn. Bovendien overtreden ze vaker de wet en maken hun schoolopleiding minder vaak af. Ook zijn ze op latere leeftijd minder in staat zich werkelijk te binden aan andere mensen, waardoor de kans dat ze later zelf weer gaan scheiden maar liefst dubbel zo groot is (zo blijkt uit cijfers van het CBS). Blijvende en evenwichtige betrokkenheid van zowel de vader als de moeder na de scheiding is daarmee niet alleen voor het kind, maar ook maatschappelijk gezien dus belangrijk.

Grote groep van stil verdriet

Maar die evenwichtige betrokkenheid is nu net het probleem. Een op de vijf kinderen ziet na een scheiding een van de ouders niet meer en dat is bijna altijd de vader. Ook grootouders van vaders kant worden daarmee vaak in die val meegenomen, een grote groep van stil verdriet. En in nog eens 20 procent van de gevallen noemt het kind de relatie met de vader na de scheiding ronduit ‘slecht’. Van alle mogelijke volwassen rollen die het leven uitdeelt, is die van gescheiden vader zo langzamerhand wel zo’n beetje de moeilijkste.

Maar het leed dat vaders wordt aangedaan, blijft niet tot de vaders beperkt. Ze raken ook het kind. Vaders hebben namelijk een aparte, positieve invloed op het leven van hun zoon of dochter. Ze zorgen bijvoorbeeld voor een stabielere seksuele ontwikkeling, een gezondere levensstijl, een beter ontwikkelde veerkracht en zelfs een hoger IQ. Een moeder die een vader buitensluit en niet tot samenwerking bereid is, schaadt dus niet alleen de vader maar ook haar eigen kind.

In de VS wordt in de Uniform Marriage and Divorce Act dan ook aanbevolen bij de toewijzing van de woonplek van het kind sterk rekening te houden met de vraag welke van de ouders het meest bereid is om met de andere ouder samen te werken. De ouder die het kind het meest frequent en continuing contact met de ex-partner toestaat en laat blijken het belang in te zien van een close and continuing relationship van het kind met de ex-partner, verwerft daarmee een verhoogde kans de kinderen toegewezen te krijgen. En ik kan dat gezien mijn ervaringen alleen maar toejuichen.

Wraakzucht

Dat zou dus een deel van het antwoord op de motie kunnen zijn; kijk voordat je verregaande besluiten rond de scheiding neemt wie van de ouders zich het meest samenwerkend opstelt tegenover de andere ouder. Nu wordt er te vaak uit wraakzucht om de loyaliteit van het kind gestreden en wordt geprobeerd de andere ouder zo veel mogelijk uit het leven van het kind te verbannen. En daar zijn wederom vooral vaders – en indirect dus ook weer de kinderen – slachtoffer van. Er wordt in deze gevallen bij kinderen wel gesproken van PAS, het Parent Alienation Syndrom. De hoofdrolspelers in dit drama: één of meer kinderen, een verstotende en een verstoten ouder en, niet onbelangrijk, een omgeving die wegkijkt.

Wat is daarbinnen nu precies de ziekmakende dynamiek voor het kind? Ten eerste verliest het door de scheiding en daaropvolgende ouderverstoting een hechtingsfiguur die het nodig heeft om stabiel groot te kunnen worden. Maar verder loopt het kind ook het risico te ‘parentificeren’, wat betekent dat het kind zich gaat identificeren met een te volwassen rol in het leven van (één van) de ouders. In dit geval betekent het dat ze in een ongezonde coalitie met de ene ouder meegaan in het verstoten van de andere ouder. Het kind wordt door die rol emotioneel overvraagd en kan zich daardoor niet bezighouden met de ontwikkelingstaken die bij de eigen leeftijd passen. Met alle eerdergenoemde gevolgen van dien.

Lafheid

Wanneer een kind door de volwassenen in een scheidingssituatie terechtkomt, moeten het natuurlijk ook de volwassenen zijn die het oplossen. Wat me vaak tegenvalt is dat die volwassen omgeving zelden of nooit vraagtekens zet bij het gedrag van de verstotende ouder. Misschien omdat ook de omgeving de simpele – en veilige – gedachte heeft dat het slechte huwelijk komt door een slechte echtgenoot en dat die dan ook wel een slechte vader zal zijn. Maar waarschijnlijk durven we gewoon niet. Het is lafheid.

Het is pijnlijk dat we door deze drie politici op onze verantwoordelijkheid gewezen moeten worden als we getuige zijn van het giftige gedrag van sommige ouders rond een scheiding. Meer mensen zouden zich in die gevallen verantwoordelijk moeten voelen voor het emotionele welzijn van het kind. De reden? Je hebt twee mensen nodig voor het maken van een kind, it takes a village to cope with a divorce.

Steven Pont is psycholoog en therapeut. In juli duidt hij als gastcolumnist thema’s en gebeurtenissen uit het nieuws vanuit de psychologie.